Wieringa AdvocatenWieringa Advocaten • Postbus 10100 1001 EC Amsterdam • IJdok 17 1013 MM Amsterdam • +31 (0)20 624 6811 • wieringa@wieringa.nl
 
Zorg

De zorginstelling als werkgever

Botsende verplichtingen als werkgever en zorgaanbieder?

Het is een bekend probleem voor zorginstellingen die het vermoeden hebben dat een personeelslid disfunctioneert: de verplichtingen van een goed werkgever brengen met zich dat zorgvuldig wordt onderzocht of wel of niet van disfunctioneren sprake is (en dat, als dat zo is, de werknemer de gelegenheid krijgt zich te verbeteren), terwijl de instelling jegens haar patiënten/cliënten uiteraard verplicht is goede zorg te verlenen, wat soms vereist dat snel wordt ingegrepen. Hoe die twee – soms conflicterende – verplichtingen zich verhouden kwam aan de orde in een onlangs gepubliceerde uitspraak van het Hof Arnhem-Leeuwarden.

Tegen een arts in een zorginstelling werd een ernstige klacht ingediend door een cliënt van de instelling, die gegrond werd bevonden – de uitspraak is niet duidelijk over wat er is gebeurd, maar het betrof (onder meer) een calamiteit. De instelling reageerde – op zich begrijpelijk en terecht – sterk op een en ander; de arts werd op non-actief gesteld en gesprekken volgden, onder meer over een verbetertraject waarbij een functionaris van de instelling direct aangaf dat de arts wellicht ook voor beëindiging van het dienstverband kon kiezen. Verder beschuldigde de leidinggevende de arts van het verzwijgen van een aantekening die zij in het BIG-register zou hebben gehad rond eerder disfunctioneren. Een traject van ziekte, re-integratie en verdere gesprekken volgde, en uiteindelijk verzocht de arts ontbinding van de arbeidsovereenkomst met toekenning van een billijke vergoeding – de “boete” voor ernstig verwijtbaar handelen. De kantonrechter kende die inderdaad toe, en wel EUR 70.000,- (minder dan de arts had gevraagd). De arts was overigens 17 jaar in dienst.

Beide partijen gingen in hoger beroep. Voor zover hier relevant betoogde de instelling dat de kantonrechter had miskend dat de instelling niet alleen als goed werkgever diende te handelen, maar – op grond van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen in de zorg, de Wkggz – ook gehouden was goede zorg aan haar cliënten te verlenen. Een specifiek punt van twist was de beschuldiging die de instelling had gemaakt over de aantekening in het BIG-register, die onjuist bleek te zijn; de instelling wees er op dat de Wkkgz haar verplicht antecedentenonderzoek te doen, en dat – ook als de uitkomst onjuist was – zij aan die wettelijke plicht had voldaan.

Het verweer mocht de instelling niet baten. Het Hof onderkent wel dat de normen van goed werkgeverschap door specifieke regelgeving nader kunnen worden ingekleurd, maar dat rechtvaardigt naar het oordeel van het Hof niet het gedrag van de instelling, met name niet de onjuiste beschuldiging, het al zo snel nogal uitdrukkelijk suggereren van ontslag, en op non-actiefstelling zonder de arts te horen. Het oordeel bleef daarom dat de instelling ernstig verwijtbaar had gehandeld, en de billijke vergoeding bleef dus, zij het gematigd.

De eisen van goed werkgeverschap worden dus niet zonder meer opzij gezet door – in dit geval – de Wkkgz. Relevant van deze uitspraak is echter ook dat het hof onderkent dat de positie van een instelling als werkgever bijzonder is (of kan zijn). Opvallend in dat verband is dat niet zozeer de snelle non-actiefstelling de instelling werd verweten, maar dat het de arts bij het nemen van die maatregel niet had gehoord.

De strekking van de uitspraak is dan ook naar mijn oordeel niet dat de rechter geen rekening houdt met de verschillende petten van de instelling. Zorginstellingen hebben een bijzondere verantwoordelijkheid jegens kwetsbare mensen, en dat houdt in dat zij aan hun werknemers strenge eisen moeten stellen, op grond van de wet. Die ruimte lijkt het Hof hen ook te geven; de bijzondere positie van de zorgverlener daarin brengt echter wel met zich dat de werkgever zich nog steeds zorgvuldig moet gedragen, en wellicht zelfs zorgvuldiger dan normaal. Verantwoord ingrijpen in noodsituaties kan daarom, als de werkgever/instelling die zorgvuldigheid maar goed in het oog houdt, ook direct bij kennisname van het probleem of de calamiteit. Een koel hoofd en een goed advies op dat moment kunnen een hoop schelen.

Deel dit artikel via     
Twitter     Twitter     E-mail     

Arco’s recente berichten

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

 

waarnaar bent u op zoek?

pagina's waarop minstens één van de zoektermen voorkomt
pagina's waarop alle zoektermen voorkomen
pagina's waarop de exacte tekst voorkomt

in de hele website
alleen in de blog
in de website met uitzondering van de blog

Wieringa Advocaten