Wieringa AdvocatenWieringa Advocaten • Postbus 10100 1001 EC Amsterdam • IJdok 17 1013 MM Amsterdam • +31 (0)20 624 6811 • wieringa@wieringa.nl
 
Bestuursrecht

Bekendmaking van een besluit van een bestuursorgaan via de e-mail

De Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt steeds moderner. Reeds op 1 juli 2004 is Afdeling 2.3 van de Awb in werking getreden, waarin het verkeer langs elektronische weg tussen burgers en bestuursorganen wordt geregeld. Naar verwachting zal in 2018 de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer in werking treden.

Eerder schreven wij al over de mogelijkheden van het indienden van een bezwaarschrift per e-mail.

In een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) verstuurde het bestuursorgaan het besluit per e-mail maar later ook per post. Hoe zit het in een dergelijk geval met de bezwaartermijn?

Bezwaartermijn volgens de Awb

Op grond van artikel 6:7 Awb bedraagt de termijn voor het indienen van een bezwaar- of beroepschrift zes weken. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift vangt, ingevolge artikel 6:8 Awb, aan met ingang van de dag na die waarop het besluit op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. Ingevolge artikel 3:41 van de Awb geschiedt de bekendmaking van besluiten die tot een of meer belanghebbende zijn gericht, door toezending of uitreiking aan hen, onder wie begrepen de aanvrager.

Uitspraak AbRvS 11 oktober 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2744

In onderhavige zaak had appellant (per e-mail) op grond van de Wob een verzoek ingediend om openbaarmaking van een aantal documenten bij de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (hierna: het bestuur). Bij besluit van 11 augustus 2015 werd dit verzoek deels ingewilligd. Het bestuur verstuurde dit besluit per e-mail op 11 augustus 2015 aan appellant en later ook per brief. Appellant maakte op 23 september 2015 bezwaar tegen dit besluit, dit bezwaar zou echter één dag te laat zijn ingediend indien het toezenden van het besluit via de e-mail zou gelden als de bekendmaking van het besluit in de zin van artikel 3:41 Awb.

De Afdeling boog zich over de vraag of het bezwaarschrift binnen de wettelijke termijn was ingediend. De Afdeling overwoog in dat kader dat ingevolge artikel 2:14, eerste lid van de Awb een bestuursorgaan een bericht dat tot een of meer geadresseerden is gericht, elektronisch kan verzenden voor zover de geadresseerde kenbaar heeft gemaakt dat hij langs deze weg voldoende bereikbaar is. Naar het oordeel van de Afdeling had het bestuur zich terecht op het standpunt gesteld dat appellant kenbaar heeft gemaakt langs elektronische weg bereikbaar te zijn. Hiervoor achtte de Afdeling het van belang dat appellant het Wob-verzoek zelf via de e-mail had ingediend en dat het bestuur de ontvangst hiervan ook per e-mail had bevestigd. Ook hechtte de Afdeling waarde aan het gegeven dat uit de dossierstukken bleek dat ook alle overige communicatie had plaatsgevonden langs elektronische weg. Tussen het bestuur en appellant bestond in andere woorden volgens de Afdeling een bestendige e-mailpraktijk die maakte dat appellant langs elektronische weg bereikbaar was. De Afdeling wees in dat kader op eerdere door haar gedane uitspraken van 17 februari 2010 (ECLI:NL:RVS:2010:BL4121) en van 29 april 2008 (ECLI:NL:RVS:2008:BD0772).

Nu er een bestendige e-mailpraktijk bestond tussen het bestuur en appellant en het bestuur voldoende aannemelijk had gemaakt dat het e-mail bericht ook daadwerkelijk was verzonden overwoog de Afdeling dat dat besluit op de datum van de verzending van de e-mail bekend was gemaakt aan appellant in de zin van artikel 3:41 Awb. De stelling van appellant dat het besluit ook per gewone post aan hem was toegezonden en hem pas een week na de gestelde verzenddatum had bereikt was volgens de Afdeling gelet op het voorgaande niet meer relevant. De termijn waarbinnen bezwaar kon worden gemaakt ving immers volgens de Afdeling aan een dag na de verzending van het besluit per e-mail.

Conclusie

Blijkens deze uitspraak kan het toezenden van een besluit onder de strekking van artikel 2:14 Awb vallen en dientengevolge via de elektronische weg bekend worden gemaakt in de zin van artikel 3:41 Awb. Het is dus voor belanghebbenden en diens gemachtigden van belang om te beseffen dat bij verzending van een besluit per e-mail het mogelijk is dat de volgende dag de bezwaartermijn al gaat lopen.

Deel dit artikel via     
Twitter     Twitter     E-mail     

Blogs over ruimtelijke ordening

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

 

waarnaar bent u op zoek?

pagina's waarop minstens één van de zoektermen voorkomt
pagina's waarop alle zoektermen voorkomen
pagina's waarop de exacte tekst voorkomt

in de hele website
alleen in de blog
in de website met uitzondering van de blog

Wieringa Advocaten