icon

Grens aan beloningen in de publieke en semipublieke sector

Op 14 januari 2011 heeft minister Donner van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een wetsvoorstel ingediend dat een maximum stelt aan het salaris of bezoldiging (hierna: beloning) voor bestuurders en andere hoge leidinggevende functies in de publieke sector (zoals topambtenaren bij ministeries) en semipublieke sector (zoals directeuren van zorginstellingen of woningcorporaties).
Op dit moment worden in de semipublieke sector de beloningen van topfunctionarissen in de gaten gehouden door verschillende raden van toezicht. Die toezichthouders hebben echter de stijgingen van de beloningen niet verhinderd. Men kan blijkbaar verschillen van mening over wat excessieve beloningen zijn. Met dit wetsvoorstel worden de raden van toezicht van duidelijke grenzen voorzien waaraan zij bij hun toezichthoudende taak zijn gebonden.
Rijksoverheid zelf geeft alvast het goede voorbeeld en past sinds 1 januari 2011 de norm uit het wetsvoorstel toe. Ik neem overigens aan dat het alleen zal gelden voor topambtenaren die na 1 januari 2011 worden aangesteld.
De norm zoals geformuleerd in het wetsvoorstel houdt in dat de beloningen van bestuurders en hoogste leidinggevenden niet mogen uitstijgen boven 130% van de maximale jaarlijkse bruto beloning van een minister, te weten € 187.340,- (plus maximaal € 7559,- aan onkosten vergoedingen en € 28.767,- aan pensioen). Er kan echter van de in de wet vastgelegde beloningen worden afgeweken met goedkeuring van de betrokken minister. Ook beëindigingvergoedingen worden aan banden gelegd, ongeacht wat partijen contractueel hebben afgesproken. De vergoeding mag nooit hoger zijn dan € 75.000,-.
Bovenstaande regels gelden voor de gehele publieke sector en voor semipublieke instellingen zoals de publieke omroep, drinkwaterbedrijven, woningbouwcorporaties en instellingen uit het onderwijs. Welke instellingen precies onder de semipublieke sector vallen is overigens niet te definiëren, daarom is er in het wetsvoorstel voor gekozen om in bijlagen op te nemen welke instellingen onder welk regime vallen. Voor onder andere verzorgingstehuizen en ziekenhuizen geldt bijvoorbeeld een iets afwijkend regime. De betrokken ministers stellen voor deze instellingen de maximale beloning vast. De maximale beëindigingsvergoeding van € 75.000,- staat echter wel vast.
Daarnaast worden voortaan de beloningen van alle bestuurders en hoogst leidinggevende functies openbaar gemaakt. Ook de beloningen van ambtenaren/werknemers in de publieke en semipublieke sector die boven de norm verdienen, maar van wie de functie niet is genormeerd, zullen openbaar worden gemaakt. Deze openbaarmakingsverplichting geldt ook voor zorgverzekeraars, die overigens niet aan een norm gebonden zijn.
Als blijkt dat een topfunctionaris toch boven de norm verdient, dan krijgen zowel de werkgever als de werknemer eerst een waarschuwing. Als de beloning vervolgens nog niet wordt aangepast, dan kan de Staat een dwangsom opleggen. Dat wil zeggen dat werkgever en werknemer een dwangsom verbeuren als ze het niet binnen een bepaalde termijn ongedaan maken. Als er dan nog niets is gebeurd dan wordt de teveel betaalde beloning door de minister opgeëist. De betalingen die de werknemer dan volgens het wetsvoorstel te veel heeft ontvangen, dient de werknemer af te staan aan de Staat, uiteraard niet aan de instelling die het bedrag onrechtmatig heeft uitbetaald.


Maartje Oliemans-Ouwehand is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot onderstaande contactpersoon van het praktijkgebied arbeidsrecht.

Grens aan beloningen in de publieke en semipublieke sector

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief