icon

Schadevergoeding door horeca overlast

In sommige uitgaansgebieden ondervinden de bewoners grote (geluids)overlast van de omliggende horeca gelegenheden. Onlangs heeft het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) – voor het eerst – bepaald dat de Staat aansprakelijk kan zijn voor de schade als zij onvoldoende maatregelen neemt om dergelijke overlast te voorkomen.

In dit geval, had de gemeenteraad van Valencia (Spanje) een bepaald uitgaansgebied in de stad aangewezen als een extreem (geluids)belaste zone. Experts van de gemeente en gemeenteambtenaren hadden vastgesteld dat de maximale geluidsniveaus in dit gebied werden overschreden. Deze maximale geluidsniveaus waren overigens door de gemeente zelf bepaald naar aanleiding van herhaalde klachten van bewoners, waaronder de eiseres in deze procedure. In het kader van maatregelen om de overlast in te perken, was voorts bepaald dat geen nieuwe exploitatievergunningen mochten worden verstrekt aan horeca ondernemingen in het gebied. Vervolgens heeft echter de gemeente toch nieuwe exploitatievergunningen verstrekt en heeft zij nagelaten om overtreders te beboeten of te sluiten. Dit achtte het EHRM onrechtmatig.

Artikel 8 van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) geeft burgers recht op bescherming van onder andere hun privé-leven en hun woning. Op grond van deze bepaling mag bijvoorbeeld de overheid niet zomaar het huis van een burger binnentreden of diens post openen. Maar op grond van deze bepaling heeft de overheid ook een positieve verplichting om handhavend op te treden als deze grondrechten in het geding zijn. En het EHRM is van mening dat de Spaanse overheid onrechtmatig heeft gehandeld door onvoldoende effectief op te treden tegen de geluidsoverlast. Weliswaar heeft de Spaanse overheid maatregelen genomen door bepaalde maximale geluidsniveaus vast te stellen, maar zij heeft vervolgens nagelaten deze – zelf opgelegde – normen te handhaven. Op deze wijze kan niet een effectieve bescherming van grondrechten worden gegarandeerd voor burgers.

Opvallend is overigens een tussenopmerking van het EHRM. De Spaanse rechter had eerder geoordeeld dat niet was bewezen dat de vrouw in kwestie daadwerkelijk geluidsoverlast ondervond in haar woning, omdat een expertise-rapport slechts geluidsoverlast vaststelde in de hal van het betreffende appartementencomplex. Dit werd door het EHRM met kracht terzijde geschoven als “onnodig formalistisch”. Men kan niet dergelijk specifiek bewijs verlangen van een burger in een situatie waarin de betreffende woonwijk door de gemeente is aangewezen als extreem belaste zone, diverse officiële metingen de overschrijdingen hebben bevestigd en bovendien gemeenteambtenaren de overlast hebben vastgesteld.

Eerder was al uitgemaakt dat het gedogen van stank-, milieu- en geluidsoverlast een inbreuk kon maken op art. 8 EVRM, bijvoorbeeld bij vliegverkeer en fabrieken. Met deze uitspraak is voor het eerst geluidsoverlast van horeca ondernemingen onder de jurisprudentie gebracht betreffende milieu-overlast, hetgeen hoopgevend is voor burgers die in overlastgebieden wonen. Maar toch moet deze uitspraak niet te algemeen worden beschouwd. Gemeenten houden een behoorlijke beleidsvrijheid en de gemeente Valencia had het ook wel heel bont gemaakt door geen enkele feitelijke maatregel te nemen.


Jonathan Barth is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied bestuursrecht

Schadevergoeding door horeca overlast