icon

WOZ-beschikking

Dit jaar hebben de meeste gemeenten nieuwe waardebeschikkingen afgegeven voor de onroerende zaakbelasting (OZB). Een dergelijke beschikking wordt verzonden aan eigenaren en gebruikers van onroerende zaken binnen de betreffende gemeente. De door de gemeente vastgestelde waarde van de onroerende zaak dient als grondslag voor een groot aantal gemeentelijke heffingen, waarbij (uiteraard) geldt dat naarmate de waarde hoger is, des te hoger ook de heffing is.

Maar ook in de sfeer van de inkomstenbelasting speelt die waardebeschikking een rol: het eigenwoningforfait (de door de belastingdienst forfaitair begrote inkomsten uit eigen woning) is afhankelijk van de door de gemeente vastgestelde waarde. Het eigenwoningforfait – vroeger: huurwaardeforfait – wordt voor de inkomstenbelasting als inkomst afgetrokken van de betaalde hypotheekrente (uitgave). Naarmate het eigenwoningforfait hoger is, zal de aftrekpost betaalde hypotheekrente lager uitvallen.

De waarde wordt slechts in uitzonderingsgevallen bepaald aan de hand van daadwerkelijke taxatie. Meestal neemt de gemeente de verkoopprijs van onlangs in de buurt verkochte vergelijkbare woningen als uitgangspunt.

Het kan onder omstandigheden interessant zijn om bezwaar te maken tegen de waardebeschikking. Op die beschikking of in een begeleidend schrijven van de gemeente staat hoe bezwaar kan worden gemaakt.

In beginsel kan tegen de waardebeschikking gedurende zes weken bezwaar worden gemaakt. Recente persberichten leren dat bij de gemeente Amsterdam vóórdat de bezwaartermijn was verstreken al ruim 20.000 bezwaarschriften zijn binnengekomen.


Daan Timmerman is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied vastgoed

WOZ-beschikking