icon

Staking openbaar streekvervoer (deels) verboden

Het zal veel mensen, vooral hen die van bussen gebruik maken, niet zijn ontgaan; wekenlang reden er niet of nauwelijks bussen. Bonden ruzieen met werkgevers over een nieuwe CAO. De werkgevers zijn particuliere busmaatschappijen die concessies hebben verkregen van de overheid (provincies) om het streekvervoer uit te voeren. Omdat de overheid de prijs van de strippenkaart bepaalt zijn de busmaatschappijen naar zij zeggen klem komen te zitten tussen gestegen kosten en minder (dan verwacht) gestegen inkomsten; de werkgevers stellen de (loon)eisen van de werknemers simpelweg niet te kunnen betalen.
Werkgevers en werknemers werden het dan ook niet eens, waarop de werknemers stakingsacties hebben ingezet.

Staken is een recht. Dat is vastgelegd in het Europees Sociaal Handvest. Dat recht is niet absoluut, er dient altijd een belangenafweging plaats te vinden, waarbij aan de belangen van derden een groot gewicht wordt toegekend.

De drie Noordelijke provincies zijn samen met Reizigersvereniging Rover naar de rechter gestapt om de stakingen verboden te krijgen. Zij stelden dat hun belangen té zeer geschaad werden. Rover doelde daarbij uiteraard op het belang van de door deze vereniging vertegenwoordigde reizigers, en de provincies stelden schade te lijden als gevolg van de stakingen omdat deze drie provincies – in afwijking van de elders in het land gemaakte afspraken met busmaatschappijen – zélf het financiele risico dragen van de door de staking misgelopen inkomsten.Verder beriepen zij op het maatschappelijk belang van goed streekvervoer.

De bonden stelden dat de provincies eigenlijk als werkgever te gelden hadden – zodat hun belangen minder zwaar zouden wegen, maar die bal ging niet op: de rechter oordeelde dat zowel de provincies als de reizigers derden zijn met wier belangen duchtig rekening gehouden dient te worden bij het bepalen of een staking nog door de beugel kan.

Vervolgens oordeelde de rechter afgelopen dinsdag dat het veroorzaakte ongemak té groot is, met name tijdens de spitsuren.
In een poging alle belangen – die van de bonden om te mogen staken teneinde hun onderhandelingspositie niet te verliezen, en die van de provincies en reizigigers bij goed openbaar vervoer – zo goed als mogelijk in balans te brengen oordeelde de rechter daarom dat de stakingen vooralsnog door mogen gaan, maar dan alleen buiten de spits. Dit oordeel ziet op een periode van twee maanden. Is er daarna nog geen CAO, dan moet er een nieuwe afweging plaatsvinden.

Vragen?

This field is for validation purposes and should be left unchanged.
Staking openbaar streekvervoer (deels) verboden