icon

Dan maar wraken?

Sinds de zaak Wilders is het aantal wrakingsverzoeken aanzienlijk toegenomen. Ingevolge artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 512 Wetboek van Strafvordering en artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan elk van de rechters die een zaak behandelen, door een partij worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

De maatstaf is dus of de behandelende rechters zich onpartijdig genoeg voordoen. Het lijkt er steeds meer op dat procespartijen, als het hun even niet zint wat de rechter hun meedeelt, een wrakingsverzoek indienen. Dit lijkt mij geen goede ontwikkeling. Het levert veel vertraging op in het proces en bovendien vergroot het onnodig de werklast van de rechters.

Dit neemt niet weg dat het “wrakingswapen” een goed instrument is om de onpartijdigheid van de rechtspraak te blijven nastreven.

Vandaag heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan, waarbij een wrakingsverzoek aan de orde kwam. Die lijkt in de gesignaleerde trend te passen.

Nog voordat er überhaupt een raadsheer naar de zaak had gekeken, had de verzoeker die in cassatie was gegaan al een wrakingsverzoek ingediend bij de Hoge Raad, waarbij twee raadsheren werden gewraakt. De Hoge Raad heeft, terecht, de verzoeker niet-ontvankelijk verklaard omdat nog geen van de leden van de Hoge Raad was belast met de zaak. Van enige wraking kon dus nog geen sprake zijn.


Rosemarie Franken is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied handel- en ondernemingsrecht

Dan maar wraken?