icon

Voorkom aansprakelijkheid, deponeer uw jaarrekening op tijd

Op deze weblog werd er al meerdere malen over geschreven: de deponeringsverplichting van de bestuurder van een besloten/naamloze vennootschap. De verplichting tot het tijdig deponeren van de jaarrekening bij de kamer van koophandel rust op de bestuurder van een vennootschap – ook al heeft deze het uitbesteed aan een accountantskantoor of adviesbureau. Wordt de jaarrekening te laat gedeponeerd (en te laat is in ieder geval: langer dan 13 maanden na het einde van desbetreffend boekjaar) dan staat vast dat de bestuurder de vennootschap onbehoorlijk heeft bestuurd. Gebeurt dit alles in een periode van drie jaar voorafgaand aan het faillissement, dan wordt bovendien vermoed dat dit onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak van het faillissement is. Consequentie voor de bestuurder: in beginsel aansprakelijkheid voor het volledige boedeltekort (de schulden van de vennootschap verminderd met het gerealiseerde actief). Inclusief de kosten van de curator.

In beginsel, want het is een vermoeden. De bestuurder krijgt de gelegenheid dit te weerleggen. Als hij kan aantonen dat de oorzaak van het faillissement in iets anders dan zijn onbehoorlijk bestuur is gelegen, kan hij aan aansprakelijkheid voor het boedeltekort ontkomen.

Dit probeerde ook de bestuurder van een campingexploitant, vennootschap X. In april 2011 ging X failliet. De jaarrekening over 2008 is pas op 30 maart 2010 gedeponeerd. De jaarrekening over 2009 is pas op 11 april 2011 gedeponeerd – een termijnoverschrijding van respectievelijk 1 maand en 30 dagen, en 2 maanden en 11 dagen. De curator spreekt de bestuurder aan uit hoofde van diens onbehoorlijk bestuur. Als aanvullende omstandigheid voert hij aan dat de bestuurder medewerking heeft verleend aan de overboeking van € 80.000,- aan de moedervennootschap van X – toen het faillissement van X al was aangevraagd. Daarmee zou € 80.000,- zijn onttrokken aan het verhaal van de schuldeisers.

De bestuurder slaagt er niet in de rechtbank te Arnhem er van te overtuigen dat er een andere oorzaak is van het faillissement dan zijn onbehoorlijk bestuur. Als belangrijkste reden voor het faillissement noemt de bestuurder de omstandigheid dat het faillissement is aangevraagd door een van de crediteuren van de camping. Deze crediteur had een vordering van ‘slechts' € 5.000,-. De rechtbank acht dit niet overtuigend: in de jaren voorafgaand aan het faillissement is voor meer dan anderhalf miljoen euro aan dividend uitgekeerd. Samengenomen met de onverplichte betaling van € 80.000,- aan de moedervennootschap, valt de vordering van de aanvrager van € 5.000,- in het niet. Zodoende kan niet worden aangenomen dat dit een belangrijke oorzaak van het faillissement is geweest.

De bestuurder slaagt er in dit geval niet in het vermoeden dat zijn onbehoorlijk bestuur het faillissement heeft veroorzaakt te ontzenuwen. Waren de jaarrekeningen op tijd gedeponeerd, dan had de curator moeten onderbouwen dat zijn onbehoorlijk bestuur het faillissement had veroorzaakt. En juist daarin slaagt de curator lang niet altijd. Voor de bestuurder kan het tijdig deponeren van de jaarrekening dan ook het verschil maken tussen wel en niet aansprakelijk zijn voor het boedeltekort. Voorkom dus aansprakelijkheid, deponeer uw jaarrekening op tijd.


Sascha Guillaume is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied bestuurdersaansprakelijkheid

Voorkom aansprakelijkheid, deponeer uw jaarrekening op tijd