icon

Short stay in strijd met woonbestemming bestemmingsplan

Veel weblogs hebben wij al gewijd aan het fenomeen short stay: ‘het structureel aanbieden van zelfstandige woonruimte voor tijdelijke bewoning aan één huishouden voor een aansluitende periode van tenminste één week en maximaal zes maanden.'. In een blog van 11 september 2012 besteedden wij al aandacht aan de Afdelingsuitspraak van 5 september 2012 (zaaknummer 201105885), waarin de Afdeling bepaalde dat short stay gekwalificeerd moet worden als woningonttrekking in de zin van de Huisvestingswet.

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt in een uitspraak van 23 oktober 2013 (zaaknummer 201300024) nu ook onomwonden dat het gebruik van een woning ten behoeve van short stay niet in overeenstemming is met een reguliere woonbestemming in een bestemmingsplan. De Afdeling overweegt dat het gebruik van een woning gedurende een week niet als voldoende duurzaam kan worden aangemerkt om een woonkarakter aanwezig te achten. En dus oordeelt de Afdeling dat het short stay gebruik in strijd is de bestemming Woningen van dat bestemmingsplan.

Met deze uitspraak staat nu rechtens vast dat short stay planologisch een wezenlijk andere bestemming is dan wonen. Hierdoor zal het gebruik van een woning ten behoeve van short stay in de bestemmingsplannen apart geregeld moeten worden.


Claudia Koenen is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied handel- en ondernemingsrecht

Short stay in strijd met woonbestemming bestemmingsplan