icon

Bouwmarkt geen duurzame ontwrichting van voorzieningenniveau

De Wet ruimtelijke ordening strekt er niet toe bedrijven tegen de vestiging van concurrerende bedrijven in hun verzorgingsgebied te beschermen. Volgens vaste rechtspraak hoeft er bij de vaststelling van bestemmingsplannen en de verlening van omgevingsvergunningen daarom ook geen rekening te worden gehouden met de belangen van concurrenten, tenzij zich een duurzame ontwrichting van het voorzieningenpatroon zal voordoen die niet door dwingende redenen wordt gerechtvaardigd.

Dit criterium van ‘duurzame ontwrichting' heeft de Afdeling in haar uitspraak van 18 september jl. verder ingeperkt (zie ook onze blog van 26 september jl.):

De Afdeling ziet aanleiding om, anders dan in voornoemde uitspraken, voor de beoordeling van de vraag of gevreesd moet worden voor een duurzame ontwrichting van het voorzieningenniveau vanaf heden doorslaggevend te achten of inwoners van een bepaald gebied niet langer op een aanvaardbare afstand van hun woning kunnen voorzien in hun eerste levensbehoeften.

Kortom: alleen (een mogelijke) ontwrichting van de voorzieningen die gericht zijn op de eerste levensbehoeften wordt als ruimtelijk relevant geacht.

In de uitspraak van 11 december 2013 (zaaknr. 2012210813) borduurt de Afdeling hierop voort. Niet heel verrassend oordeelt de Afdeling dat een bouwmarkt geen voorziening is dat in een eerste levensbehoefte voorziet. Dat betekent dat concurrente bouwmarkten zich niet kunnen beroepen op het criterium van ‘duurzame ontwrichting'. Voor bestuursorganen heeft dit tot gevolg dat bij ruimtelijke besluitvorming over bouwmarkten in beginsel geen rekening kan worden gehouden met concurrentieverhoudingen en deze detailhandelsvorm (niet-dagelijkse detailhandel) niet zonder meer om ruimtelijk-economische motieven kan worden geweerd.


Claudia Koenen is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied handel- en ondernemingsrecht

Bouwmarkt geen duurzame ontwrichting van voorzieningenniveau