icon

Schade als gevolg van een politie-inval, wie betaalt dat?

Jaarlijks worden er duizenden politie-invallen gedaan in Nederland. Alleen al op het gebied van hennepteelt vinden er elk jaar rond de 5000 invallen plaats. Een politie-inval gaat meestal gepaard met schade aan deuren en kozijnen die, indien de inval rechtmatig is geweest, niet door de overheid zal worden vergoed. Als de schade is toegebracht aan een pand dat is verhuurd, ontstaat tussen verhuurder en huurder regelmatig de discussie voor wiens rekening de schade dient te komen.

Op grond van artikel 7:218 lid 1 BW is de huurder aansprakelijk voor schade aan de verhuurde zaak die door een hem toe te rekenen tekortkoming in de nakoming van een verplichting uit de huurovereenkomst is ontstaan. Ingevolge het tweede lid van genoemde bepaling wordt alle schade vermoed hierdoor te zijn ontstaan, behoudens brandschade en schade aan de buitenzijde van het gehuurde. Schade aan deuren en kozijnen wordt, zo volgt uit vaste jurisprudentie, aangemerkt als schade aan de buitenzijde van het gehuurde en is derhalve uitgezonderd van het bewijsvermoeden van artikel 7:218 lid 2 BW. Gevolg daarvan is dat de verhuurder feiten en omstandigheden zal moeten stellen en (indien nodig) bewijzen, dat de schade door de politie-inval het gevolg is van een toerekenbare tekortkoming van de huurder.

Indien de politie-inval het gevolg is geweest van een hennepplantage in het gehuurde zal het voor de verhuurder meestal minder moeilijk zijn het toerekenbaar tekortschieten van huurder aan te tonen dan wanneer de politie-inval het gevolg is geweest van een ander soortig strafbaar feit. Ten eerste komt dit doordat de politie aan verhuurders geen informatie verstrekt over het (vermeende) strafbare feit en het verloop van het onderzoek. Indien er echter sprake is geweest van een hennepplantage in de woning beschikt de verhuurder meestal wel over inhoudelijke informatie. Ten tweede komt dit doordat er in de rechtspraak en literatuur vaak het standpunt wordt ingenomen dat er in het geval van schade door een politie-inval slechts sprake is van een tekortkoming van de huurder indien het strafbare feit rechtstreeks verband houdt met het gehuurde, zoals ook het geval is bij hennepplantages in het gehuurde en bij bijvoorbeeld het beramen van ernstige strafbare feiten in het gehuurde. Een voorbeeld van een uitspraak waar dit uitgangspunt werd gehanteerd is de uitspraak van de kantonrechter te Terneuzen van 30 september 2009. Daarin werd geoordeeld dat schade door een politie-inval wegens het niet terugkeren van proefverlof tijdens detentie, geen toerekenbare tekortkoming oplevert. De kantonrechter overweegt in dit verband dat huurder niet in of vanuit de woning strafbare feiten heeft gepleegd en dat huurder het strafbare feit in casu, bedreiging, niet in zijn hoedanigheid van huurder heeft gepleegd.

Recentelijk heeft de kantonrechter te Den Haag geoordeeld dat dit uitgangspunt onjuist is, omdat deze benadering tot onredelijke uitkomsten kan leiden. Het uitgangspunt moet volgens de kantonrechter ruimer zijn. Artikel 7:213 BW, de verplichting voor een huurder om zich als goed huurder te gedragen, omvat mede de verplichting voor een huurder om zich te onthouden van gedragingen die schade aan het gehuurde kunnen veroorzaken. Voor een aan de huurder toerekenbare gedraging op de voet van artikel 7:213 juncto 7:218 BW is volgens de kantonrechter derhalve voldoende dat “het delict van zodanig ernstige aard is, dat een politie-inval […] tot de reëel mogelijkheden behoort, omdat immers dan de kans op schade aan het gehuurde voldoende concreet en voorzienbaar is.” Daarvan zal bijvoorbeeld al sprake zijn als het gehuurde als “uitvalsbasis” voor (ernstige) strafbare activiteiten wordt gebruikt of wanneer de huurder het gehuurde als schuilplaats gebruikt na het plegen van dergelijke strafbare feiten, aldus de kantonrechter.

Ik ben het met de kantonrechter eens dat dit het uitgangspunt behoort te zijn, maar wellicht kan het zelfs nog iets worden verruimd. Want stel dat de huurder uiteindelijk niet wordt veroordeeld voor het strafbare feit waar hij of zij van werd verdacht, maar de huurder was ten tijde van de politie-inval thuis en heeft niet voldaan aan een ambtelijk bevel om de deur te openen, is het dan redelijk dat de verhuurder voor de schade opdraait? Nee, want ook in dit soort situaties was de kans op schade voor de huurder immers voldoende concreet en voorzienbaar en heeft de huurder de schade niet voorkomen, terwijl dat wel in zijn macht lag. Ook dan is naar mijn mening sprake van schade die op grond van artikel 7:213 jo 7:218 BW voor rekening van de huurder dient te komen.


Anna Zijlstra is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied huurrecht

Schade als gevolg van een politie-inval, wie betaalt dat?