icon

Deurwaarders opgelet!

Het is en blijft uitermate frustrerend voor cliënten: debiteuren die niet betalen, ook niet nadat een vonnis is gewezen waarin de debiteur tot betaling is veroordeeld. In de praktijk komt het in dergelijke gevallen vaak voor dat de schuldeiser aan de deurwaarder de opdracht verstrekt het vonnis ten uitvoer te leggen, zonder dat van tevoren expliciet wordt benoemd op welke wijze de deurwaarder dat dient te doen. De deurwaarder is dan in beginsel vrij de schuldenaar zelfstandig tot betaling aan te manen. Maar hoe ver mag een deurwaarder daarin gaan? Mag hij dreigen met een faillissementsaanvraag indien niet tijdig wordt betaald? Mag hij dreigen de publiciteit te zoeken, of zelfs bij het OM aan te dringen op vervolging?

In het onderhavige geval heeft de door de schuldeiser ingeschakelde deurwaarder een e-mail gestuurd aan de schuldenaar. Daarin stond – geparafraseerd – dat de deurwaarder met de executie van het veroordelende vonnis was belast en dat de deurwaarder bij gebreke van betaling binnen de gestelde termijn de opdracht heeft gekregen het faillissement van de schuldenaar aan te vragen. Bovendien zegde de deurwaarder aan dat zijn cliënt na het uitspreken van het faillissement er bij de curator op zou aandringen om de bestuurders ook in privé ‘aan te pakken'. Ook zegde de deurwaarder aan dat zijn cliënt het OM bij gebreke van tijdige betaling zal verzoeken een strafrechtelijk onderzoek in te stellen en de lokale journalistiek en Tros Radar te informeren.

De bestuurders van de schuldenaar zijn het niet eens met de handelwijze van de deurwaarder en klagen bij de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders. De bestuurders vinden immers dat de deurwaarder in strijd heeft gehandeld met de Verordening beroeps- en gedragsregels gerechtsdeurwaarders door zijn opstelling en in de e-mail gehanteerde toon. Bovendien zou hij zich onvoldoende onpartijdig en onafhankelijk hebben opgesteld en ongeoorloofd met een faillissementsaanvraag hebben gedreigd, aangezien hij op dat moment vermoedelijk niet over een steunvordering beschikte.

De Kamer voor Gerechtsdeurwaarders vindt die klacht terecht. Ook een deurwaarder dient zich immers fatsoenlijk op te stellen jegens een schuldenaar en daarbij voldoende professionele afstand te behouden. De deurwaarder mocht wel mededelen dat hij de opdracht had om het faillissement aan te vragen als er niet (tijdig) zou worden betaald, maar voor het overige had hij moeten volstaan met een summiere schets van de verdere gevolgen indien niet tot betaling zou worden overgaan. Ondanks dat komt de deurwaarder er echter goed vanaf. De klacht wordt weliswaar gegrond verklaard, maar aan de deurwaarder wordt geen maatregel opgelegd.


Alexander op het Hoog is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied incasso

Deurwaarders opgelet!