icon

Geen planschade windturbines

De transitie van het gebruik van fossiele brandstoffen naar duurzame energie en de daarbij horende doelstellingen kunnen grote gevolgen hebben op de leefomgeving, zoals bijvoorbeeld de vermindering van zicht, slagschaduw en geluidsoverlast. Daarnaast kunnen financiële gevolgen optreden: planschade door het plaatsen van windturbines of zonnepanelen.

Planschade kan ontstaan als de waarde van een huis of perceel daalt als gevolg van een planologische wijziging, bijvoorbeeld de vaststelling van een bestemmingsplan. Op grond van artikel 6.1 Wro kent het college van burgemeester en wethouders een tegemoetkoming in de planschade toe, mits de schade niet is voorzien (de schade redelijkerwijs niet voor rekening van aanvrager behoort te blijven) en voor zover de tegemoetkoming niet voldoende anderszins is verzekerd. De vraag naar vergoeding van planschade bij windturbines deed zich voor in de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 12 april 2017 (ECLI:NL:RBMNE:2017:2208). Het geschil draait om de vraag of de planschade van eisers voorzienbaar was ten tijde van de koop van de woningen van eisers.

In het plangebied – een locatie ten noorden van het Amsterdam-Rijnkanaal, ter hoogte van bedrijventerrein de Meerpaal, liggen negen bestaande woningen binnen een straal van 500 meter van een van de windturbines. Eisers hebben het college van burgemeester en wethouders van Houten verzocht om een tegemoetkoming in planschade, omdat zij door de komst van windturbines in een nadeliger positie zijn gekomen. De rechtbank stelt in haar overwegingen voorop dat zij zich gelet op de korte afstand tussen de woningen en de windturbines kan voorstellen dat de windturbines impact hebben op het woon- en leefklimaat en dat daarvan enige hinder kan worden ondervonden. Het ondervinden van enige hinder is echter – zoals hierboven beschreven – niet voldoende voor het toekennen van een tegemoetkoming in de planschade.

De rechtbank overweegt dat het begrip ‘voorzienbaarheid’ volgens vaste rechtspraak eist dat een redelijk denkend en handelend koper uit de openbaarmaking van een concreet beleidsvoornemen moet kunnen begrijpen op welk gebied dat beleidsvoornemen betrekking heeft, wat de zakelijke inhoud van het beleidsvoornemen is en dat hij van de inhoud van het beleidsvoornemen kan kennisnemen. Nu de raad op 13 maart 2001 heeft besloten tot het – onder randvoorwaarden – geschikt verklaren van drie locaties voor de realisatie van windenergie en dit besluit is gepubliceerd in de gemeenterubriek op 4 april 2001, voordat eisers tot de koop van de woningen waren overgegaan, wordt aan het criterium van ‘voorzienbaarheid’ voldaan. Dat de omgevingsvergunningen milieu voor de windturbines door de Afdeling in 2007 zijn vernietigd, doet daar niet aan af. Het beroep van eisers wordt ongegrond verklaard en een tegemoetkoming in de planschade wordt niet toegekend: wel overlast, geen vergoeding.


Dominique de Haas is niet meer werkzaam bij Wieringa Advocaten. Indien u een vraag heeft naar aanleiding van deze blog dan kunt u zich wenden tot één van de advocaten binnen het praktijkgebied energietransitie

Geen planschade windturbines